Thomas Scheewe

5/01/2011

Drs. Thomas Scheewe is psychomotorisch therapeut en onderzoeker in opleiding aan het UMC in Utrecht en promoveert met het TOPFIT onderzoek. Hierin worden de effecten van cardiovasculaire fitness op de mentale gezondheid, de lichamelijke gezondheid en hersenvolumes van patiënten met schizofrenie en aan schizofrenie verwante stoornissen onderzocht. Op de kennisdag bespreekt hij de eerste resultaten van het TOPFIT onderzoek.

  

Utrecht, 13 december 2010

1. Wanneer heeft u de verbinding gelegd tussen Lichaam en Geest?

In mijn interesses, opleidingen, onderzoek en werk staat de mens als geheel centraal. Ik moet wel lachen om de vragen, omdat ze allemaal vanuit een kader van dualisme zijn gesteld. In mijn beleving is er geen scheiding tussen lichaam en geest. Mijn specialisme, psychomotorische therapie, richt zich op het geheel van lichaam en geest. Ik vraag me af wanneer mensen lichaam en geest als losse onderdelen gaan zien. Ik denk niet vanaf kleins af aan, want als mijn zoontje buikkramp heeft, is hij verdrietig en als hij gezond is, lacht hij. Misschien is het aanbrengen van een scheiding wel een functie van onze cognitie, omdat we naar mate we ouder worden alles rationeel willen verklaren.

2. Waar ligt de focus in uw werkveld, op het lichaam of op de geest?

Ik heb psychomotorische therapie gestudeerd aan de Calo, onderdeel van de hogeschool Windesheim in Zwolle. In de opleiding werd vanuit een holistische visie gekeken naar de mens. We kregen ook vakken als filosofie, waarin het antropologische dualisme van Descartes werd besproken. Mijn kijk op de mens als geheel is op deze opleiding gevormd. Daarna heb ik Geestelijke Gezondheidskunde aan de Universiteit Maastricht gestudeerd. Daar lag de nadruk weer op het eclectisch kijken naar aandoeningen, vanuit verschillende visies met elk een eigen functie.

Momenteel promoveer ik als psychomotorisch therapeut met het onderzoek TOPFIT (staat voor: ‘The Outcome of Psychosis and Fitness Therapy’). Hierin werk ik met name met patiënten die lijden aan de ziekte schizofrenie. Interessant aan schizofrenie is dat het ingrijpt in de hele persoon: in zijn of haar hele doen en laten, gevoel, gedrag en uitingen. Als onderzoeker kunnen we daar niet omheen en worden we bij wijze van spreken gedwongen naar het geheel te kijken. Bij andere aandoeningen kan de verwevenheid van lichaam en geest minder duidelijk zijn, waardoor men eerder de neiging krijgt een onderscheid te maken. Toch denk ik dat er vanuit alle disciplines tegenwoordig toenemend erkenning is voor de verbinding tussen lichaam en geest.

De verbinding staat in het TOPFIT onderzoek centraal. Wij onderzoeken welke bijdrage cardiovasculaire fitness kan hebben in de behandeling van patiënten met schizofrenie. We bestuderen twee groepen, een groep die naast reguliere behandeling activiteitentherapie (schilderen, computerspelletjes etc.) aangeboden krijgt en een groep die naast reguliere zorg cardiovasculaire fitness therapie ontvangt. Na afloop van de therapie vergelijken wij of er een verschil is te zien in de resultaten van beide groepen. De resultaten bestaan uit een breed scala aan lichamelijke en geestelijke kenmerken zoals stemming, lichamelijke fitheid, bloedbeeld en hersenvolumes. Het doel van het onderzoek is om te kijken of cardiovasculaire fitness, ten opzichte van activiteiten therapie, een positieve invloed heeft op hersenvolumes. Dit omdat bekend is dat hersenvolumes bij patiënten met schizofrenie verstoord zijn. Als dat het geval is, dan zou dat de gedachte dat lichamelijke activiteit invloed heeft op de fitheid van de hersenen, kracht bijzetten.

3. Tegen welke obstakels loopt u aan in het werkveld?

Er zijn nog weinig integrale behandelmethoden ontwikkeld. Als psychomotorisch therapeut hoor ik bij een kleine club wetenschappers die zich specifiek op die verbinding richt. Dit maakt financiering soms lastig. Verder is het belangrijk dat het hebben van een geestelijke aandoening uit de taboesfeer wordt gehaald. Hierin spelen het vergaren van kennis over het ontstaan van de ziekte en het ontwikkelen van manieren om het beloop van de ziekte positief te beïnvloeden een belangrijke rol.

4. Hoe ziet u de toekomst voor de gezondheidszorg, wat zou u graag veranderen?

Mijn ideaal is dat de hele gezondheidszorg vanuit holistische blik opereert en dat er meer integrale behandelingen worden ontwikkeld en op werkzaamheid onderzocht. Een ander pluspunt van interventies als TOPFIT is dat patiënten, via zo'n interventie, zelf proactief bij kunnen dragen aan hun herstel. Patiënten krijgen zo meer controle over hun behandeling, herstellen hiermee hun (zelf)vertrouwen en kunnen samen met hun therapeut werken aan vooruitgang.

©2012 lichaamengeest.nl  |  Sitemap