Jolanda Meeuwissen

21/01/2011

JolandaMeeuwissenkleinDrs. Jolanda Meeuwissen, psycholoog, is werkzaam als senior wetenschappelijk medewerker bij het Trimbos-instituut, in het programma Zorginnovatie. Zij werkt o.a. aan het ontwikkelen, implementeren en evalueren van stepped-care- en diseasemanagement-modellen en -programma's en van beslissingsondersteunende instrumenten. Tijdens de kennisdag licht zij de principes van diseasemanagement en stepped care toe.

 

Utrecht, 12 december 2010

1 Wanneer heeft u de verbinding gelegd tussen Lichaam en Geest?

Mijn interesse voor de verbinding tussen lichaam en geest werd aangewakkerd tijdens mijn studie Psychologie aan de Universiteit van Utrecht. Voor één van mijn afstudeerrichtingen heb ik mij verdiept in de theorie van cognitie en bewustzijn en de rol die emotie speelt in de interactie tussen lichaam en geest. In de klassieke lichaam-geest debatten, met woordvoerders als Aristoteles, Descartes, Hofstadter, Dennett en Damasio, staan vragen centraal over hoe lichaam, inclusief de hersenen, en geest, inclusief het bewustzijn, interacteren. Er komen vragen aan de orde zoals: Wat is de aard van mentale processen, in relatie tot ons lichaam? Maakt het bewustzijn deel uit van het lichaam? Is de geest tot lichaamsfuncties te herleiden? Deze vragen zijn actueel wanneer we het optreden van psychische aandoeningen of functiestoornissen proberen te begrijpen en werkzame interventies proberen te ontwikkelen.

Op de kennisdag vertel ik over hoe de principes van diseasemanagement en stepped care kunnen worden toegepast in de behandeling van anorexia nervosa en andere eetstoornissen. Eetstoornissen zijn psychische aandoeningen waarbij de lichaam-geest interactie erg op de voorgrond staat. Het is schrijnend te zien hoe direct de geest het lichaam kan ondermijnen. Er kan veel leed worden voorkomen door betere diagnostiek en toeleiding naar gepaste zorg. Ook het beter benutten van de mogelijkheden van 'zelfmanagement' bij mensen met een eetstoornis kan de herstelprognoses verbeteren.

2: Waar ligt de focus in uw werkveld, op het lichaam of op de geest?

Op de geest. Maar binnen het werkveld van de geestelijke gezondheidszorg kun je niet om de interactie tussen lichaam en geest heen. Lichamelijke kenmerken zoals lichaamshouding, energieniveau, rusteloosheid, leveren belangrijke aanwijzingen bij het stellen van een diagnose. Op de vraag naar hoe men zich voelt geven mensen met psychische problematiek vaak antwoord met fysieke beschrijvingen zoals moeheid of gespannenheid. Psychische en lichamelijke problemen komen ook vaak tegelijk voor (co-morbiditeit). Als er sprake is van co-morbiditeit is het van groot belang om daar in de behandeling van beide aandoeningen rekening mee te houden. Zo kan mogelijke verergering van beide aandoeningen worden voorkomen.

3: Tegen welke obstakels loopt u aan in het werkveld?

In de geestelijke gezondheidszorg is er veel begrip voor de verbinding tussen lichaam en geest, maar begrijpt men nog weinig van interactiemechanismen. Er is nog weinig kennis over hoe dingen op elkaar ingrijpen, hoe interactie patronen liggen en hoe behandelingen daarop afgestemd kunnen worden. Bijvoorbeeld als iemand diabetes heeft en tevens depressief is, kan het zijn dat de depressie een bijwerking is van de diabetes medicatie. Dit wordt niet altijd gesignaleerd omdat de behandeling van het ene probleem soms het andere probleem maskeert of versterkt. In de praktijk moet meer rekening gehouden worden met co-morbiditeit, maar goede instrumenten daarvoor ontbreken nog. De praktijkinstrumenten die nu beschikbaar zijn richten zich meestal op één ziektebeeld en houden te weinig rekening met samenhang van klachten. Dat geldt voor behandelprogramma’s, richtlijnen voor diagnostiek en behandeling, instrumenten voor diagnostiek en uitkomstenmanagement en zorgstandaarden. Op het Trimbos- instituut werk ik o.a. aan het verbeteren van dergelijke instrumenten.

4: Hoe ziet u de toekomst voor de gezondheidszorg, wat zou u graag veranderen?

Het zou ideaal zijn als de zorg meer stepped care uitgevoerd zou worden en dat disease management meer wordt ingebed. Het voordeel van stepped care en disease management is dat er in elk stadium van een ziekte ingegrepen kan worden en in stappen geëvalueerd wordt of een behandeling aanslaat. Door in stappen te werken kunnen we sneller ingrijpen en is het behandelingstraject beter te controleren. Een dergelijk zorgstelsel vraagt wel om goede samenwerking en coördinatie, dat ontbreekt nog vaak. Monitoren en evalueren van behandelresultaten wordt tegenwoordig belangrijk gevonden in de huidige zorg, maar het gaat nog te vaak om procesresultaten en kosten of produktie als uitkomstmaat. De terugkoppeling van klinische en functionele uitkomsten, zoals behaalde behandelresultaten in termen van symptoomvermindering en kwaliteit van leven, naar het individuele behandelbeleid is vaak niet geïntegreerd in de behandeling en verdient meer aandacht. Het werken met evidence-based richtlijnen en andere beslissingsondersteunende praktijkinstrumenten kan de basis bieden voor goede zorg vanuit een diseasemanagementmodel.

Verder zou de zorg baat hebben bij een meer integrale mens-benadering, waarbij in en vooral ook rondom de zorg niet alleen naar de ziekte wordt gekeken maar ook naar de mens met die ziekte. Zowel naar lichamelijke als geestelijke aspecten, verschillen in aard, ernst en beloop van de problematiek,eventuele co-morbide problematiek en de context van de patiënt. Heel de mens, heel de zorg!

©2012 lichaamengeest.nl  |  Sitemap